


| Camera Magazine nr. 119 |
|
|
|
|
No translation available.
December, Lauwersmeer, Noord-NederlandHet is nog donker als ik mijn plek heb uitgekozen en ik wacht op het juiste licht. In het oosten kondigt de zon langzaam zijn komst aan en komen de kleuren tot leven. Maar ik focus op het westen waar de volle maan een prachtig schijnsel over het landschap uitstrooit. Alles krijgt een winterse blauwe gloed. Ik bepaal mijn compositie en maak een testopname om de belichting te controleren. Door de kou voel ik mijn vingers nauwelijks. Ik druk op de sluiter waardoor er een aantal magische dingen gebeuren en even later zie ik de foto op de display verschijnen. Methodisch maak ik nog een aantal composities en belichtingen en ik voel de adrenaline door mijn lichaam gaan. Adrenaline die, je als fotograaf voelt wanneer je weet dat alles op zijn plek valt. Wanneer je weet dat de omstandigheden bijzonder zijn en je timing perfect. Wanneer compositie, locatie, onderwerp, sfeer, licht en kleuren samensmelten tot een geheel. Een geheel wat in balans is en fascineert. Een kwartier later is het voorbij. De eerste zonnestralen komen boven de horizon uit en de sfeer verdwijnt. Passie voor de natuur en het landschap om ons heen is wat de meeste natuur- en landschapsfotografen verbindt. Fotograferen is maar een deel van ons verhaal. In de natuur zijn, dingen zien, meebeleven en bewonderen is waar het om gaat. De wereld is onze studio en de zon en de maan onze studiolampen. Maar als natuur- en landschapsfotograaf heb je geen enkel moment de regie in handen. Je kunt je nog zo goed voorbereid hebben en je materiaal en de techniek nog zo goed beheersen, uiteindelijk ben je toch afhankelijk van de omstandigheden, het licht en de sfeer. Dat is wat natuur- en landschapsfotografie voor mij zo boeiend maakt. Toch kun je de kans op een geslaagde foto zo groot mogelijk maken en zo min mogelijk afhankelijk zijn van geluk. Hoe? Vanaf nu neem ik je in iedere uitgave van Camera Magazine mee in de wereld van de natuur- en landschapsfotografie. Ik laat je zien hoe de foto’s tot stand kwamen en ik geef je tips waarmee je op eenvoudige wijze zelf betere natuur- en landschapsfoto’s kunt maken.
September, ergens in het zuiden van NamibiëEindelijk heb ik ze in het vizier. Klipspringers. Een klein groepje van deze schuwe dwergantilopen graast rustig tussen de rotsen en de struiken. Het is 35 graden en de zon brandt meedogenloos op mijn hoofd. Muisstil en voetje voor voetje probeer ik dichterbij te komen. Iedere keer als de dieren opkijken sta ik doodstil. Gelukkig heb ik de wind tegen, dus ze zullen me moeilijk kunnen horen en ruiken. Terwijl ik loop, kijk ik regelmatig naar de grond, want het wemelt hier van de pofadders en daar wil je, kilometers ver van hulp, niet door gebeten worden. Er verstrijken minuten, maar het voelt als uren. Iedere keer lukt het me om een paar meter dichterbij te komen. Met het verstrijken van de tijd merk ik ook dat de dieren langzaam minder nerveus worden. Het lijkt alsof ze me tolereren in hun omgeving. Uiteindelijk sta ik op 30 meter afstand en ik maak de foto’s die ik al weken in gedachten heb. Nerveus controleer ik mijn camera-instellingen. Deze kans krijg ik geen tweede keer. Regelmatig kijken de klipspringers en ik elkaar aan en ik heb het gevoel dat ik onderdeel ben geworden van hun omgeving. Het is een prachtig gezicht. Uiteindelijk loop ik zo voorzichtig mogelijk weer terug. Ik laat ze verder met rust en wil ze niet verstoren. Een bijzondere ontmoeting. ![]() Add this page to your favorite Social Bookmarking websites |